Nuttige insecten

Natuurlijke vijanden
Natuurlijke vijanden zijn insecten of aaltjes die alleen de schadelijke soorten bestrijden! Een ideale methode, zoals de natuur het bedoeld heeft. Op deze wijze is de bestrijding mogelijk van bladluis, wolluis, witte vlieg en taxuskever. Deze aanpak is vooral heel geschikt in huiskamer, serre, of kas.
Assortiment
-
Adalia (larven van lieveheerbeestjes) tegen bladluizen
-
Galmug tegen bladluizen
-
Roofkever tegen wolluis
-
Sluipwesp tegen witte vlieg
-
Aaltjes tegen taxuskever (5 miljoen, 10 miljoen, 50 miljoen stuks)
-
Aaltjes tegen engerlingen (larven van mei-, juni- en rozenkever)
(5 miljoen, 10 miljoen, 50 miljoen stuks)
Adalia tegen bladluizen
Adalia is een inheems lieveheersbeestje. De larven worden in de sierteelt, fruitteelt en de groenteteelt gebruikt als natuurlijke vijanden in de strijd tegen bladluizen. Adalia is erg vraatzuchtig en kan daarom gebruikt worden tegen verscheidene bladluissoorten in allerlei teelten.
Galmug tegen bladluizen: Aphidoletes
Aphidoletes is een galmug die enkel ’s nachts actief is. Wijfjes vliegen naar bladluiskolonies en zetten groepjes eitjes af. De Aphidoletes-larven prikken bladluizen aan en zuigen ze leeg. Ze kunnen op korte tijd grote aantallen bladluizen uitroeien.
Voordelen van de Aphidoletes:
-
toepasbaar op alle gewassen
-
bestrijdt alle bladluissoorten
-
uitstekende zoekvermogen
-
kan zowel preventief als curatief worden ingezet
Aphidoletes wordt geleverd in poppen, vermengd met vermiculiet.
In te zetten dosis:
Preventief 1 pop per 10 m2
Curatief 5 tot 20 poppen per 10 m2
Curatief bij zware aantasting: 50 tot 100 poppen per 10 m2
Roofkever tegen wolluis: Cryptolaemus
Cryptolaemus is als predator zeer effectief in het opruimen van wolluizen. De voorkeur van de adulten en de jonge larven gaat uit naar de eieren en de jonge larven van de wolluis. De grotere larven eten alle stadia. In het geval er weinig wolluizen aanwezig zijn, voedt Cryptolaemus zich met blad- en schildluizen.
Er dienen 2 à 3 volwassen kevers per m2 te worden uitgezet. Het uitzetten gebeurt best op een koel moment van de dag.
De roofkevers worden geleverd als volwassen kevers.
Sluipwesp tegen de witte vlieg: Encarsia
Encarsia legt haar eitjes in de larven van de witte vlieg. Geparasiteerde wittevlieg-poppen verkleuren zwart, wat een eenvoudige controle van de activiteit van de sluipwesp mogelijk maakt. Uit de zwarte poppen worden in plaats van witte vliegen nieuwe sluipwespen geboren. Encarsia voedt zich ook met jonge larven van de witte vlieg.
De sluipwespen worden geleverd als geparasiteerde witte vlieg-poppen op kartonnen kaartjes.
Aaltjes tegen de taxuskever: Heterorhabditis
De volwassen taxuskevers voeden zich ’s nachts en vreten daarbij golfvormige inkepingen aan de rand van de bladeren.
Heterorhabditis-aaltjes zijn in staat de taxuskever snel en efficiënt onder controle te krijgen. Wanneer de nemathoden uitgezet worden, gaan ze actief op zoek naar larven die reeds aanwezig zij in de wortelzone. De nemathoden dringen de larven door natuurlijke lichaamsopeningen of rechtstreeks door de lichaamswand binnen. Eens in de larve binnengedrongen, komen de bacteriën, die in symbiose met de nemathoden leven, vrij. Een larve die aangetast is, verkleurt geel tot roodbruin en sterft na een tweetal dagen af. De nemathoden vermenigvuldigen zich in de larve en wanneer die ontbindt, verspreidt zich een nieuwe generatie, op zoek naar slachtoffers.
Heterorhabditis zorgt voor een vlugge en doeltreffende bestrijding van de taxuskever op voorwaarde dat:
-
het curatief gebruikt wordt; dit wil zeggen de larven moeten aanwezig zijn op het moment van de behandeling
-
de vochtigheid van het substraat hoog is en de substraattemperatuur niet daalt onder 12°C gedurende 2 weken na de behandeling
-
- In praktijk betekent dit voor de meeste gewassen dat er 2 periodes zijn waarin Heterorhabditis gebruikt worden:
-
behandeling tussen augustus en het einde van september is efficiënt tegen larven die ontwikkeld zijn uit eitjes vroeger in het jaar gelegd en voordat schade van enige betekenis veroorzaakt werd
-
behandeling april/mei is doeltreffend tegen larven die ontsnapt zijn aan een behandeling in de herfst of tegen larven van in het najaar gelegde eieren.
In te zetten dosis:
- Lichte aantasting 0,5 miljoen nemathoden/m2
- Zware aantasting 1 miljoen nemathoden/m2
Aaltjes tegen de engerlingen van de rozenkever: Heterorhabditis
In de periode tussen juli en september kan de vraatschade van de rozenkever zulke vormen aannemen dat hele delen van het gazon afsterven. Een goed geoefend ook kan reeds in het voorjaar aan de kleur de planten herkennen waar de larven zich bevinden. Vanaf juli is het voor iedereen duidelijk, het gras groeit op de geïnfecteerde plaatse niet goed. Het is niet ongebruikelijk dat bij een zware aantasting de zoden zo aangevreten zijn dat ze los komen te liggen en omgerold kunnen worden. Hieronder vindt men dan de larven in zeer grote aantallen tot soms wel honderden bij elkaar.
Heterorhabditis-aaltjes zijn in staat de taxuskever snel en efficiënt onder controle te krijgen. (zie taxuskeverbestrijding)
Heterorhabditis zorgt voor een vlugge en doeltreffende bestrijding van de rozenkever op voorwaarde dat:
-
het curatief gebruikt wordt; dit wil zeggen de larven moeten aanwezig zijn op het moment van de behandeling
-
de vochtigheid van het substraat hoog is en de substraattemperatuur niet daalt onder 12°C gedurende 2 weken na de behandeling
In de praktijk betekent dit dat het gunstigste tijdstip voor een bestrijding zich situeert van half juni tot eind september omdat de engerlingen zich op dit ogenblik net onder het bodemoppervlak bevinden.
In te zetten dosis:
- Lichte aantasting 0,5 miljoen nemathoden/m2
- Zware aantasting 1 miljoen nemathoden/m2
Al deze nuttige insecten zijn bij tuincentrum 't Rozenland verkrijgbaar.
Vraag meer info in onze tuinapotheek.
